Wat betekent een goed welzijn voor de kat in het asiel?

Het beoordelen van de kwaliteit van leven van katten is cruciaal om meer inzicht te krijgen in de meest voorkomende problemen. Zorgverleners moeten vaak beslissingen nemen over de medische zorgen en het al dan niet euthanaseren van hun huisdier. Ze baseren die beslissingen op hun eigen perceptie over de huidige en toekomstige kwaliteit van leven van hun dier. Het is dus van groot belang om te weten welke factoren nodig zijn om te bepalen of een dier een goed welzijn heeft of niet. In de literatuur vinden we verschillende omschrijvingen om de facetten van welzijn beter in kaart te brengen. We lichten ze hieronder even kort toe.

Invloed van de omgevingsfactoren

Het welzijn van een individu wordt bepaald door de mate waarin hij in staat is om te gaan met de invloed van zijn omgevingsfactoren. Als een dier zichzelf in balans kan houden door weinig inspanning te leveren en weinig energie te verspillen, kan je zeggen dat hij een goed welzijn heeft. Als een dier veel energie moet spenderen en het hoofd niet kan bieden aan de veranderingen in zijn omgeving, kan je spreken van een slecht welzijn.

Algemene behoeften van dieren

Als we de kwaliteit van een leven willen bepalen, moet de beoordeling vragen bevatten over alle aspecten van het leven van een dier en niet alleen over zijn fysieke gezondheid.

Drie ethische noodzaken van Fraser
Volgens Fraser et al. (1997) zijn er drie ethische noden waarmee we rekening moeten houden:

(1) dieren moeten gezond zijn, vrij van ziekten zijn en normaal kunnen functioneren volgens hun fysieke noden en gedragssystemen,
(2) dieren moeten zich goed voelen, slechte gemoedstoestanden zoals angst en pijn moeten worden geminimaliseerd en positieve toestanden moeten worden gemaximaliseerd,
(3) dieren moeten in staat zijn om normaal natuurlijk gedrag uit te drukken.

Vijf essentiële vrijheden
Een andere methode om de kwaliteit van het welzijn te bepalen is te kijken of een asiel kan voldoen aan de vijf essentiële vrijheden die initieel werden opgesteld voor boerderijdieren door de Farm Animal Welfare Council in het Verenigd Koninkrijk.

Deze vijf vrijheden zijn:
(1) vrij van honger en dorst
(2) vrij van ongemak
(3) vrij van angst en stress
(4) vrij van pijn, letsel of ziekte
(5) vrij om normaal gedrag te uiten

Behoeften voor de kat in het asiel

De behoeften van huiskatten die in asielen worden gehouden, zijn reeds op verschillende manieren omschreven, waarvan de meest recente gebaseerd is op de 5 vrijheden.

De specifieke omgevingsbehoeften voor kattenverblijven in asielen worden beschreven in termen van ‘vijf pilaren’:
(1) Een veilige plek om te rusten
(2) meerdere bronnen
(3) de mogelijkheid om spel- en roofdiergedrag uit te drukken
(4) positief en consistent menselijk contact
(5) passende olfactorische (geur) stimulatie

Binnen deze brede richtlijnen zullen de noden en voorkeuren van individuele katten verschillen. Nauwkeurig toezicht zal helpen om de katten te identificeren die meer nood hebben aan een aangepaste omgeving. Wanneer een kat, in zijn kattenbak rust vindt, is dit meestal een teken dat hij een meer gesloten rust- of schuilplaats nodig heeft. Anderzijds is constant verbergen een indicator dat de kat zich niet voldoende kan aanpassen en mogelijks naar een rustiger gedeelte van het asiel of een ander type omgeving moet worden verplaatst.

Onstaan van Shelter Medicine

De afgelopen jaren zijn meer en meer organisaties zich gaan ontfermen over deze kwesties en werden rond 2004 de eerste traininging rond “Shelter Medicine” voor dierenartsen in America opgestart. Shelter Medicine is een gebied van diergeneeskunde dat zich toelegt op de verzorging van dieren in opvangcentra. Shelter Medicine is ontstaan ​​als een discipline om een betere kwaliteit van leven voor asieldieren te promoten en hierin te voorzien. De focus ligt op individuele en groepsgezondheidszorg, de optimalisatie van het welzijn binnen het asiel en de voorbereiding van de dieren op hun adoptie.

Conclusie

Om de levenskwaliteit en het welzijn te bepalen, moeten we kijken naar de impact die een asielomgeving heeft op de kat. Het is belangrijk om te kijken in hoeverre de kat kan omgaan met verschillende factoren in de omgeving, wat deze verschillende factoren zijn en wanneer ze een negatief effect hebben op het welzijn en de levenskwaliteit van de kat.

Bovendien is essentieel om te voldoen aan de noden van een kat en haar de mogelijkheid geven te om natuurlijk gedrag te uiten om zo stress en ongewenst gedrag te voorkomen en het welzijn de optimaliseren.